Trektocht Sextener Dolomieten
Eindelijk
is het zover, na een dag reizen en een paar dagen inlopen nabij het Gardameer. Zijn we nu op de
parkeerplaats in het Innerfeldtal
ten zuiden van Sexten.
De
rugzakken uit de auto de bergschoenen aan en we vertrekken. Vandaag een
makkie
een half uur naar de Drei
Schusterhütte.
Lekker om na een lange rit zo vlot naar de eerste hut te lopen. De hut
ligt aan
de oost zijde van een grasvlakte. Tot ons plezier bleek er iets niet
helemaal
goed gegaan. De hut zit n.l. vol en ze hebben onze reservering
vergeten. Er is
echter nog wel een 3 persoons
kamer vrij. Die krijgen
wij plus een extra matras voor de prijs van het normale
lager.
De ochtend
breekt aan, om 7.00 uur stappen we de stube
in voor het ontbijt. Ongewoon uitgebreid voor een hut. Een comp
Van uit de hut lopen we in zuidelijk richting. Na en half uur begint de klim we moeten 833 m omhoog. De Drei Zinnen Hütte ligt op 2450 m. We hebben er zin in, wie zou dat niet hebben als je het vooruitzicht hebt op een prachtig uitzicht op de Drei Zinnen.
Drie en half
uur later zijn we er dan ook. Inderdaad
van zo een uitzicht gaat je hart sneller kloppen. Het is echter nog
niet laat.
We eten wat en gaan direct weer op pad. De Paternkofel
op. Deze berg 2746 m. is in de eerste wereldoorlog zwaar bevochten.
De
Italianen hebben er tunnels in gehakt en stellingen in gebouwd om de
Oostenrijkers tegen te kunnen houden. Door deze tunnels, 600 m lang
voert het
pad naar boven, aan het eind van de tunnel begint de Via Ferrata.
Een steil “pad” met daarlangs staaldraden ter
beveiliging. De naam Via Ferrata
betekend ook stalen weg”. Het is alleen jammer dat
er bewolking komt opzetten. Tegen de tijd dat we de top bereiken begint
het
licht te regenen. Dus geen groots uitzicht. Afdalen dan maar weer. De
terugweg
verleggen we. Aangezien de tunnels nogal laag zijn,is het afdalen door
die
tunnels voor mij, met m’n 1,95 m. geen pretje. Vlak voor de
tunnels kan je ook
via een puinhelling
afdalen. Voor mij dus een prima
keus. Het wordt een zeer snelle afdaling het weer wordt rap slechter en
het
begint te onweren. De laatste 10 min. regent het zo hard dat we
drijfnat in de
hut aankomen. Gelukkig voor de grote klappen van het onweer be
ginnen zijn we in
de hut. Het is er overvol. Er zijn tientallen wandelaars die naar het
dal terug
willen, de wandeling naar Auronzo
is 1½ uur. Maar ze
wachten de bui af. Wij installeren ons op de slaapzaal en hangen de
natte keren
te drogen. ’s Nachts gaat het onweer opnieuw zijn gang maar
ik hoor niets. Ook
niet van de kerel die naast mij een poging doet het hele Italiaanse bos
om te
zagen. Het heeft ’s nachts flink gehageld dat is ’s
morgens goed te zien. Er
lag een witte kraag onderlangs de Drei
Zinnen. Wij
vertrekken met mooi weer via de Paternsattel
richting
Bullelejochhütte
2528 m. en verder naar Rifugio
Zsigmondy Comici
2235 m. Ook
hier weer sporen van de strijd in de jaren 1915-1918. Voor de beide
jongens
Bram en Frits is deze
route een cadeautje,
tientallen Murmeltieren
scharelen over de
alpenweiden.
’s
Middags
wordt het weer snel slechter het begint te regenen.
Wij blijven dus maar in de hut en spelen een
spelletje en lezen wat.
Het is
ondertussen dinsdag morgen. Vandaag willen we via de Alpini
steig naar de Rifugio A. Bertie al Propera lopen, een
route met heel mooie uitzichten over het Fishleintal
en de bergtoppen rond om, waaronder de huisberg
van
Rif. Zsigmondy Comici, de Zwölfer.
Na drie
kwartier begint het te regenen, we trekken de poncho’s aan en lopen verder. Nog
voordat we de
staaldraden van de Alpinisteig
bereiken begint het te
onweren . Wil ziet een prima plaats om te schuilen. N.l. tussen een
paar
rotsblokken zodat we niet het hoogste punt zijn. Je had ons daar moeten
zien
staan 4 pinguïns in de stromende regen. Het onweer trekt snel
over maar de
regen blijft. We lopen het pad terug en dalen af naar Rifugio
Carducci 2293 m. Deze
hut ligt dichterbij dan de Zsigmondy
, en de koffie zal daar ook best wel goed zijn.
Nou en dat
is zo. Een heerlijke bak cappuccino en voor de jongens chocolademelk,
het lijkt
meer chocolade pudding. Dat er aan de hut verbouwd wordt hadden we wel
gezien,
maar er was, toen we aankwamen niemand bezig.
Het klapperen van helikopter wieken
veranderd dat snel. Uit een gat in de wolken komt hij naar
de hut toe en
land op 10 m. van het raam. Er springen een 5 tal bouwvakkers uit en
hij stijgt
weer op, om even later met een volgende groep personeel aan te komen.
Zo ook
met een lading materiaal. De
vierde
lading wordt snel losgekoppeld en de helikopter verdwijnt zonder
retourvracht,
die al klaar ligt. Het zicht is n.l. heel slecht geworden. Ondertussen is het wel
droog geworden. Terug
naar de Alpinisteig.
Dit pad is
ook een erfenis uit de eerste wereld oorlog. Hij is voor en door de
soldaten
uitgehakt en aangelegd. Het is een schitterend pad langs steile kloven
en
loodrechte wanden met op vrijwel ieder punt mooie uitzichten. Alleen nu
worden
die uitzichten door de wolken vaak
verborgen, af en toe mogen we toch er even van genieten. We bereiken de
Elferscharte 2630 m.
Omdat het weer steeds slechter wordt
besluiten we om af te dalen naar de Rotwandwiesen
hütte 1924 m.
Alleen die afdaling loopt door een steile scharte.
Boven ons zie
je ook hier weer de oude stellingen. In de scharte
ligt het bezaaid met rommel uit de oorlogstijd. Zoals prikkeldraad,
hout,
blikken waar eten in zat en ook vonden we een houder met drie scherpe
patronen.
Deze keer Oostenrijkse patronen Frits
had n.l. al
eerder boven de Carducci
hut een Italiaanse gevonden.
De afdaling wordt vlakker en gaat over in een bospad dat uitkomt bij de
hut. Op
het pad lopen er zwarte Alpen Salamanders ik weet niet of dat door de
nattigheid komt maar je ziet ze niet vaak. Deze hut staat boven aan bij
een
kabelbaan. Een luxe hut, eigenlijk meer een ski
restaurant.
Onze slaapruinte is een 4 persoon
kamertje dat we snel ombouwen
tot drooghok.
Ook hier
wordt gevraagd of we polenta met ... willen eten. Jammer dat hebben we
al drie
keer eerder op, nu a.u.b. iets anders. Dat kan ook spaghetti b.v. Maar we krijgen ijs als
toetje.
Na een goed
en uitgebreid ontbijt (het leek wel een hotel) vertrekken we richting Rifugio Berti.
1950 m. Er staat
een harde wind maar het is droog.
Twee oude boertje zijn al hard aan ’t werk zij maaien er het
gras met de zeis
op plaatsen die machinaal niet gemaaid kunnen worden.
Onze tocht vandaag loopt onder de Rotwand
langs op ± 2000m hoogte. Als we de Rotwand
voorbij zijn
lopen we onder de Neunerkofel
langs. Dit is ook weer
een van de getuigen van de strijd.
Diverse betonnen bunkers zijn
in deze berg
gebouwd. Deze zijn van de Oostenrijkers geweest. Het pad kruist de toegangs weg naar deze vesting. Beter gezegd het loopt er
een stukje
overheen. Zo komen we op het laatste stuk naar de hut. Via een stijl
pad
klimmen we een kloof omhoog. Boven aan houden we pauze in een uitgehakt
hol met
een bankje en een prachtig uitzicht. Na een broodje en wat drinken lopen we verder langs de
vervallen Rifugio Gen. Olivio Sala
. Hier vinden we
Edelweiss. We komen rond de middag in de hut aan. Hij staat op een
rotsplateau
waardoor er veel wind is. Achter de hut zien de pas Sentinella
die we gisteren wilden doen. Gelukkig zijn we toen naar de Rotwandwiesen
hütte gegaan.
Na de middag
willen de jongens wat gaan klimmen. Dus
de touwen worden uit de rugzakken gehaald en er wordt achter de hut een
mooie
plek gevonden. Eerst worden de technieken die we vorige week bij Roberto in Arco hebben geoefend
weer toegepast. Het abseilen,
dat voor Frits
aanvankelijk nog eng
werd gevonden gaat hem hier nu goed af. Alle knopen kan
hij zelf, zonder
fouten maken, inclusief de veiligheids
rem. Daarna
wat klimmen. We krijgen al snel buren. Op de rots naast ons gaat een groepje Italianen oefenen.
Als je zo lekker bezig bent
vliegt de tijd. Het is zo 6 uur en onze magen beginnen te knorren.
Inpakken dus
en aan tafel. Morgen wordt het een lange dag.
Zes uur
opstaan, we ontbijten en vertrekken
om kwart over zeven. Al na 10 min begint de
klim, over de puinhelling
naar het begin van de Via Ferrata
Roghel. We sjouwen de
400
m omhoog tot we bij de kabels komen.
Klettersteig
setjes aan en verder omhoog. We klimmen
ongeveer 350 m over een lastige route omhoog. Alleen staaldraden geen
ladders.
De afdaling is wat eenvoudiger, deze verloopt over een wat ruwe
rots wand waarop er goed houvast is. En
eindigt in een kloof . Deze is wel erg stijl en er rolt veel puin naar
beneden.
Ik krijg zelf een flink stuk steen tegen mijn been. Dit loopt gelukkig met
niet meer dan wat schrammen af. We steken het dalletje
over en vervolgen onze weg over de Via Ferrata
Gabrielle. Die rond
de zuidzijde van de Monte
Giralba
di Sotto loopt. Een
prachtige route over een
horizontale band, die je zoveel in de Dolomieten ziet. We kruipen onder
een grote
overhangende rots door gevolgd door een stijl paadje dat eindigt op een
smalle
graat. Later gaat deze over in een klim diagonaal over
een wand. Met
voor ons
mooie planten. De Duivelskraal
vinden we daar. Een
paar Duitsers
die zonder helm en met een stuk waslijn als beveiliging, vliegen
ons voorbij. Beter gezegd jagen ons opzij. Ik denk maar dat ze van hun
geboorte
uit al een ijzeren kop hebben. Regelmatig komen er toch steentjes naar
beneden.
Nu staan we voor de laatste afdaling van deze Via Ferrata. We moeten door een
kloof naar beneden. Aanvankelijk zijn er voldoende staaldraden
maar verder naar beneden zijn de kabels zwaar beschadigd of helemaal
weggeslagen. Een steen lawine heeft hier zijn werk gedaan.
Gelukkig
hebben we een 40 m touw bij ons en kunnen Wil, Bram en Frits
aan het touw naar beneden. Zelf kan ik volgen door af te seilen.
Ook drie andere personen die de hele dag ongeveer gelijkt met ons op
lopen,
laat ik van het touw gebruik maken. Het is tegen zes uur als we in de Rifugio Carducci
aan komen. We
drinken er een kop koffie en choco en gaan door naar onze
eindbestemming van
vandaag nog een klein uurtje en we zijn in de Rifugio
Zsigmondy Commici .
Onze
laatste dag is aangebroken, we gaan de snelste weg naar de auto terug.
Eerst
omhoog naar Bullele
joch hütte
en vandaar naar de Drei
Zinnen hütte Het weer laat ons in de
steek. Het begint te
regenen en dat blijft zo tot vlak bij de auto. Rond 14.30 zijn we daar
dan. We
leggen de rugzakken in de achterbak en vertrekken. De machtige Drei Schusterspitse
kijk ons na.
Wij kijken terug op een heerlijke week in de Sextner
Dolomieten waar we veel zweetdruppels achterlaten. Een gebied dat door
het oorlogs verleden
een wat diepere indruk op ons gemaakt
heeft. Veel resten zijn hiervan ook nu na 85 jaar nog zichtbaar.

Abe-Wil-Bram en Frits Maaijen
3 aug 2002 tot 9 augustus 2002
Onze tocht van 2001 door de Brenta ziet u hier